refr.: Ik hoef niet meer, ik ben al geweest Ik heb de boel versierd en geleefd als een beest Wat je doen moet, nou, bekijk het maar Want ik ben en blijf een twijfelaar
Op een mooie zondagmiddag, midden in 't jaar Maakte een van mijn vriendinnen een geweldig groots gebaar Zij kwam zingend bij me binnen, met een literfles cognac Maar m'n hoofd begon te bonken en m'n linkerzij die stak Met een grokstem van twee dagen en m'n ogen klein door 't licht Zei ik: "Lieverd, als je weggaat, trek je dan de deur goed dicht"
refr.
Diezelfde zondagavond, toen ik net was ingedut Omdat ik van alle druppels nogal knap was uitgeput Kwam de buurvrouw van beneden bij me boven op bezoek En ik kon niet uit m'n bed want ze zat daar op m'n broek Toen ik stotterend gebaarde kwam ze nog wat dichterbij En ze wilde net gaan liggen toen ik afgemeten zei