Ergens gloei je nog na Op een plek waar mijn planten Niet wortelen willen Ik brand er mijn handen En ren met de vlammen Achter mijn ogen Nu droog van tranen
Dan vallen mijn tanden En ogen tot stenen gestold Ontbind ik in rotsrode scherven Kleren ontvouwen in stijve stroken stof