refr.: Wie heeft er zeepsop in de pruimenpap gedaan Alle pruimen liggen te schuimen! Wie heeft er zeepsop in de pruimenpap gedaan Elke pruim ligt in 't schuim! 'k Heb 't geproefd en 't is ongezond Want al dat schuim kwam op m'n mond! Wie heeft er zeepsop in de pruimenpap gedaan Elke pruim ligt in 't schuim!
Mevrouw van Dalen bij ons in de straat Was dezer dagen zo verschrikkelijk kwaad. Ze was spinnijdig op de meid En schold haar uit voor stomme geit.
refr.
't Schijnt dat de meid er zellef niks van wist Dat ze zich met de suiker had vergist! 'k Denk dat d'r ogen zijn verzwakt Ze had de waspoeier gepakt!