Als boven het vlakke land De torenklokken slaan In het oosten woedt er brand Alle doden tellen wij Hoe moet ik dan bestaan Maar in mijn armen lag jij En in het westen de zee
refr.: Een ogenblik in de wind Hebben wij gelopen Een ogenblik in de wind
Waar de westenwind woont En de bakens staan Waste jij mijn handen schoon Dansten kinderen op het strand Schreven wij in zoete waan Onze namen in het zand En op kwam de zee
refr.
Zo denk ik aan jou Leg mij neer in de nacht En in leegte en kou Is jouw mantel voor mij Mijn liefde zo zacht